top of page

Neurodivergentie op werk en steeds aanpassen

2 sep
6 minuten om te lezen

De vergadering is bijna voorbij wanneer je leidinggevende vraagt of iedereen nog vragen heeft. Je hebt er wel. Je begrijpt niet helemaal wat er nu van jou verwacht wordt. De planning is veranderd, iemand spreekt over een nieuw systeem en er worden taken verdeeld terwijl je nog probeert te volgen.

Toch zeg je niets.

Je knikt, schrijft een paar woorden op en zegt dat het duidelijk is. Terwijl de anderen hun laptop dichtklappen, blijf jij nog even zitten. Niet omdat je niets te doen hebt, maar omdat je tijd nodig hebt om alle losse stukken in je hoofd op hun plaats te krijgen.

Later stuur je liever een zorgvuldig geformuleerd bericht. Of je zoekt het zelf uit. Misschien werk je die avond nog wat langer door, zodat niemand merkt dat je tijdens de vergadering de draad kwijt was.

Aan de buitenkant lijk je betrokken. Zorgvuldig zelfs. Je levert vaak goed werk af. Maar er gaat veel energie naar dingen die voor anderen vanzelf lijken te gaan: inschatten wat er precies bedoeld wordt, aanvoelen wanneer je iets kunt zeggen, kiezen welke vraag redelijk is, onthouden wat er tussen de regels door gezegd werd.

Tegen de tijd dat je thuiskomt, is je hoofd nog niet klaar met werken. Je herhaalt zinnen uit het overleg. Had ik daar anders moeten reageren? Was mijn vraag dom geweest? Waarom zei ik niet gewoon dat ik meer uitleg nodig had?

Neurodivergentie op werk kan er heel gewoon uitzien

Wanneer mensen zoeken op neurodivergentie op werk, zoeken ze soms niet naar een groot antwoord. Ze zoeken woorden voor iets wat al jaren meespeelt. Voor het gevoel dat een werkdag niet alleen uit taken bestaat, maar ook uit een voortdurende inspanning om mee te bewegen.

Misschien herken je dat je voor een overleg al nadenkt over waar je gaat zitten. Dicht bij de deur, zodat je even naar buiten kunt als het te veel wordt. Of juist niet te opvallend, omdat je niet wilt dat iemand daar iets van vindt. Misschien bereid je een kort gesprek met een collega in je hoofd voor en voel je opluchting als die collega onverwacht thuiswerkt.

Je kunt goed zijn in je werk en toch aan het eind van de dag weinig overhouden. Niet per se omdat het werk inhoudelijk te zwaar is. Soms zit de vermoeidheid in het telkens schakelen.

Een open kantoor waar telefoons overgaan. Een collega die halverwege je taak iets vraagt. Een bericht dat binnenkomt met alleen: “Heb je even?” Een agenda die verandert zonder dat je weet waarom. Een lunch waar iedereen door elkaar praat terwijl je eigenlijk nog aan het herstellen bent van de ochtend.

Je probeert erbij te blijven. Je lacht op het juiste moment. Je antwoordt snel genoeg. Je houdt je gezicht rustig. En ondertussen merk je misschien dat je schouders hoger staan, dat je adem oppervlakkiger wordt of dat je blik vastzit op je scherm.

Het lastige is dat dit niet altijd zichtbaar is. Collega’s zien iemand die stil is, precies werkt of liever op zichzelf zit. Ze zien niet hoeveel voorbereiding voorafgaat aan een gesprek. Niet hoeveel tijd het kost om na een drukke werkdag weer bereikbaar te zijn voor je partner, je kinderen of vrienden.

Hard werken om niet lastig te zijn

Misschien ben je degene die afspraken nauwgezet opvolgt. Die een mail drie keer naleest. Die liever te veel doet dan het risico loopt dat iets onduidelijk blijft. Als iemand zegt dat iets “tegen vrijdag” klaar moet zijn, wil jij weten of dat donderdagnacht betekent, vrijdagmiddag of voor het volgende overleg.

Je vraagt het niet altijd. Je probeert de juiste inschatting te maken op basis van wat anderen doen. En wanneer je twijfelt, begin je vroeger. Je controleert meer. Je neemt werk mee naar huis, ook als niemand dat van je vraagt.

Of je bent net heel snel. Je ziet meteen wat er niet klopt, denkt vooruit en raakt ongeduldig wanneer een overleg blijft hangen in herhaling. Je zegt dan misschien niets, omdat je niet bot wilt overkomen. Maar vanbinnen ben je al lang afgehaakt. Daarna voel je je schuldig omdat je niet meer goed kon luisteren.

Sommige mensen trekken zich eerder terug wanneer de druk oploopt. Ze stellen een lastig bericht uit. Ze wachten met reageren tot ze precies weten wat ze willen zeggen. Intussen wordt het bericht groter. Na een paar dagen komt er schaamte bij. Niet omdat je onverschillig bent, maar omdat de stap naar contact plots veel meer vraagt dan hij op papier lijkt te vragen.

Ook na een goede werkdag kan er iets blijven knagen. Misschien was er een fijne babbel bij het koffieapparaat, maar vraag je je later af of je te veel over jezelf hebt verteld. Misschien kreeg je een compliment, maar geloof je het pas nadat je de hele opdracht nog eens hebt nagekeken. Misschien was er geen conflict, maar ben je toch uitgeput van het proberen voorkomen ervan.

Wanneer aanpassen een vaste werktaak wordt

Er is een verschil tussen rekening houden met een werkcontext en jezelf er voortdurend in kwijt raken. Dat verschil is niet altijd gemakkelijk te zien, zeker niet als aanpassen je al lang helpt om door te kunnen.

Je past je aan omdat je je werk ernstig neemt. Omdat je de sfeer niet wilt verstoren. Omdat je niet de collega wilt zijn die extra uitleg vraagt, een koptelefoon opzet, een pauze nodig heeft of pas later antwoordt. Je probeert te tonen dat je flexibel bent.

Maar soms wordt flexibiliteit een stille extra werktaak. Eentje die nergens in je functieomschrijving staat.

Je bent dan niet alleen bezig met je dossier, je klant of je project. Je bent ook bezig met hoe je overkomt. Met wat de ander mogelijk bedoelt. Met of je tempo aanvaardbaar is. Met hoe lang je nog kunt doorgaan voordat je plots niets meer kunt verdragen.

Dat kan vreemde tegenstellingen geven. Je kunt heel zelfstandig lijken en tegelijk vastlopen zodra de verwachtingen vaag worden. Je kunt sociaal vlot zijn en na een teamdag niemand meer willen zien. Je kunt veel verantwoordelijkheid opnemen en toch het gevoel hebben dat je op elk moment door de mand kunt vallen.

Binnen Aceso noemen we de beweging om steeds af te stemmen op wat de ander nodig heeft soms de Pleaser. Niet als een vaste identiteit, maar als een manier waarop je veiligheid probeert te bewaren. Door geen extra ruimte in te nemen, hoop je misschien kritiek, onbegrip of gedoe voor te zijn.

Die beweging kan je ver brengen. Mensen vertrouwen op je. Je bent attent. Je ziet werk liggen. Alleen merk je soms pas laat wat het je kost. Bijvoorbeeld wanneer een kleine vraag van een collega plots te veel voelt. Of wanneer je op vrijdagavond niet meer kunt kiezen wat je wilt eten, omdat zelfs die beslissing nog iets van je vraagt.

Het gaat niet alleen over prikkels of concentratie

Het woord neurodivergentie wordt vaak gebruikt voor uiteenlopende ervaringen. Voor de ene persoon gaat het vooral over drukte en onderbrekingen. Voor de andere over directe communicatie, moeite met onverwachte veranderingen of het gevoel dat ongeschreven regels op het werk onduidelijk blijven.

Wat je ervaring ook precies is, het kan helpen om niet alleen te kijken naar wat er misloopt op een druk moment. Kijk ook naar wat je voordien al de hele dag hebt gedragen.

Misschien ben je niet plots “te gevoelig” tijdens dat ene overleg. Misschien heb je sinds negen uur geprobeerd om je aan te passen aan een ruimte, een tempo en verwachtingen die veel van je vragen. Misschien is die korte reactie naar je collega niet het hele verhaal, maar het moment waarop je geen ruimte meer had om nog verder te schikken.

Dat is een andere blik. Niet: waarom kan ik dit niet gewoon beter? Maar: hoeveel van mijn aandacht gaat naar het overeind houden van mezelf in deze context?

Die vraag vraagt niet dat je jezelf meteen moet veranderen. Ze kan wel iets zichtbaar maken wat je misschien gewend bent geraakt om weg te duwen. Dat je vermoeidheid niet altijd betekent dat je gefaald hebt. Dat je behoefte aan duidelijkheid niet automatisch een tekortkoming is. En dat terugtrekken soms volgt nadat je al heel lang geprobeerd hebt om mee te blijven doen.

Misschien herken je achter het aanpassen op je werk ook een breder patroon: dat je onder spanning snel uit het oog verliest wat jij zelf nodig hebt. In het kenniscentrum kan het artikel over jezelf verliezen onder spanning daar verder bij aansluiten.

Voor nu hoeft er niets opgelost te worden. Misschien is het al genoeg om op te merken hoeveel werk er soms zit in gewoon aanwezig lijken.

 
 
bottom of page