Grenzen stellen had niets met nee zeggen te maken Casus
- Matthieu Bosmans
- 13 uur geleden
- 4 minuten om te lezen
Kort gezegd: Sofie kwam bij Aceso met hyperventilatie en paniekaanvallen, na eerdere ademkine die weinig had geholpen. Wat zich in haar traject ontvouwde, ging niet over ademtechniek op zich, maar over waar haar verantwoordelijkheid begon en waar die van een ander begon — en hoe haar adem, telkens ze haar eigen positie terugvond, vanzelf mee veranderde.
Meta-omschrijving: Hyperventilatie die bleef terugkomen, ook na ademkine. Het verhaal van Sofie laat zien wat er verandert wanneer je leert waar je aandacht en aanwezigheid blijven.
Het onderstaand traject is naar waarheid beschreven.
De namen en context werden gewijzigd om de privacy van iedereen te respecteren.
Sofie is 36 jaar , mama van Chloé, en werkt aan een klantenbalie.
Ze kwam bij Aceso met hyperventilatie. Ademkine had ze al geprobeerd, maar dat had weinig verschil gemaakt. Bij Aceso zag ze een bredere blik dan alleen techniek, en besloot het een kans te geven.
Wat zichtbaar was, en wat eronder zat
Bij de intake werd duidelijk hoe Sofie het in verschillende contexten moeilijk had.
Op het eerste gezicht leek het gewoon veel: veel te doen, overal verantwoordelijk voor. Bij doorvragen bleek iets preciezer: Sofie merkte zelf niet meer waar haar verantwoordelijkheid begon en waar die van een ander stopte.
Thuis deed ze alles voor haar dochter en haar partner.
Die laatste deed niets in het huishouden. Chloé sliep bij Sofie in bed, zodat haar partner 's avonds met vrienden kon ontspannen na zijn werk.
Het resultaat: nauwelijks ademruimte, en met enige regelmaat een paniekaanval bij het besef van alles wat nog geregeld moest worden.
Het eerste kantelmoment: wat grenzen stellen eigenlijk is
Tijdens een sessie werd geoefend met draagkracht: niet wijken, taken niet aannemen die niet van haar waren. Sofie formuleerde het zelf:
"Als ik bij mezelf blijf en niet voor de anderen oplos, is dát wat grenzen stellen betekent." Het heeft niets met nee zeggen te maken, maar met waar haar aandacht en aanwezigheid blijven.
Wat het lichaam liet zien
Telkens ze oefende om terug te keren naar zichzelf, haar positie terug in te nemen, merkte Sofie hoe haar ademhaling rustiger en dieper werd. De eerste keer gebeurde dat in schokjes. Zoals wanneer je weent, maar dan zonder tranen.
Keer op keer ging het vlotter.
Op een bepaald moment volstond het om enkel te benoemen dát ze haar positie kwijt was, haar ademhaling vond zijn weg vanzelf terug, zonder dat er nog iets anders bij kwam kijken.
Tussen de sessies door kwam de hyperventilatie soms nog terug.
Maar na verloop van tijd leerde Sofie dat zelf om te buigen, door haar positie bewust weer bij te stellen en in te nemen.
Het tweede kantelmoment: houvast loslaten om dichterbij te komen
Na een aantal sessies rond positiebehoud in verschillende dynamieken vertelde ze hoe haar partner intussen was meegegroeid in het huishouden en de zorg voor Chloé.
De volgende stap, zag ze zelf, was hem niet langer te vertellen wat er allemaal moest gebeuren, maar hem de mentale lading zelf laten dragen: planning, boodschappen, slaapritueel.
Dat bracht haar bij een volgend inzicht:
Als ze dichter bij haar partner wilde komen, moest ze loslaten dat planning en zorg altijd op haar manier zouden gebeuren. De verantwoordelijkheid die ze droeg, gaf haar op een vreemde manier houvast.
Houvast die haar net op afstand van haar partner hield.
Om dichterbij te kiezen, moest ze die houvast afstaan.
Ze oefenden in het opbouwen van nabijheid en het doorgronden van eigen noden, zodat die gedeeld konden worden.
De eerste terugkoppeling leek averechts te werken, tot duidelijk werd hoe moeilijk het is om noden te uiten zonder oordeel, schuld of schaamte op te roepen, zowel bij zichzelf als bij haar partner.
Ze bleven oefenen om het contact in zichzelf steviger te verankeren, en onderzochten stap voor stap concrete thuissituaties: wat er gebeurde wanneer ze haar positie verloor, en wat er veranderde zodra ze die weer terugvond.
Ook op het werk boog het patroon om
Wat thuis verschoof, bleek ook op haar werk te spelen: ze had lang taken overgenomen van een baas die amper opdaagde, zonder het zelf door te hebben.
Eenmaal ze het patroon herkende, slaagde ze erin het ook daar om te buigen.
Ze bracht de werklast zelf ter sprake, en er kwam extra hulp bij.
Het laatste kantelmoment: de time-out
Thuis ging het intussen op en af. Afhankelijk van hoe goed Sofie erin slaagde bij zichzelf terug te keren en haar noden op te merken zonder schaamte. Dat vroeg tijd. Het laatste kantelmoment kwam er toen ze leerde: telkens wanneer ze merkte dat ze vanuit verwijt of tekort begon te delen, kon ze stoppen, aangeven dat ze zich even terugtrok, en pas nadien, helder en bij zichzelf, haar werkelijke nood communiceren.
Wat er nu anders is
Chloé slaapt intussen in haar eigen bed. Sofie en haar partner zijn intiemer dan in lange tijd.
Er zijn nog discussies, maar duidelijker, met minder onderhuidse spanning.
Haar partner draagt bij zonder dat ze erom moet blijven vragen. Op het werk is de werklast eerlijker verdeeld. Wanneer ze voor het laatst hyperventileerde of een angstepisode had, kon ze zich niet meer herinneren.
Herken je iets van Sofies verhaal?Dat je jezelf regelmatig verliest in wat anderen nodig hebben, dragen of van je verwachten?
In ‘Blijf bij jezelf’ lees je meer over wat er op zulke momenten gebeurt.
Individuele sessies beginnen precies daar: onderzoeken waar jouw verantwoordelijkheid begint en eindigt, en leren bij jezelf te blijven wanneer de druk oploopt zonder harder je best te hoeven doen.




