top of page

Waarom je ja zegt terwijl je je er ongemakkelijk bij voelt(en het pas achteraf beseft)


Dame die reflecteert op een gesprek van eerder

Je zegt ja...

Rationeel is de 'ja' logisch.

Of op z’n minst: makkelijk.


Maar in jezelf merk je spanning, ongemak. Het klopt niet, maar toch hoor je je 'ja' zeggen.


Nadien bekoop je het.

Twijfel...

Spanning...

Frustratie...

Schaamte...


“Waarom heb ik weeral toegegeven?!”


Het gebeurt sneller dan je denkt.

De meeste mensen denken dat dit een keuze is.


Dat je ergens beslist hebt om toe te geven.


Maar zo werkt het meestal niet.

Je lichaam reageert al vóór jij bewust kiest.



Wat er werkelijk gebeurt


Op het moment dat iemand iets vraagt ontstaan signalen in je lichaam:

  • Een subtiele druk

  • Een verwachting in de vorm van contractie of spanning

  • ...


Je systeem probeert die spanning onmiddellijk te stabiliseren.

Niet door na te denken.

Maar door te reageren.

Een oorzaak gevolg op automatische piloot:

  • je geeft toe

  • je verzacht

  • je minimaliseert je eigen gevoel/signalen

  • je maakt het jezelf tijdelijk makkelijker door jezelf te negeren


Dat doe je niet expres.

Het gebeurt omdat je systeem spanning probeert te vermijden.



Waarom je ja zegt terwijl je je er ongemakkelijk bij voelt en waarom dat meestal niets met 'willen' te maken heeft


Je zegt niet per se ja omdat je het echt wil.


Je zegt ja omdat het op dat moment de snelste manier is om spanning te laten zakken.


Psychologisch kan dat verschillende oorzaken hebben:

  • De ander niet willen teleurstellen (Hechtingsdynamieken)

  • De situatie niet moeilijker willen maken / conflict vermijden (Vermijding/coping)

  • ...


Het is met andere woorden aangeleerde strategie van je zenuwstelsel dat aangeleerd is geweest om om te gaan met spanning in relationele context.


En aangeleerd gedrag kan bijgesteld worden.



Waarom je het pas achteraf voelt


Waarom je ja zegt terwijl je je er ongemakkelijk bij voelt... En vooral dat je het slechts achteraf opmerkt heeft te maken dat je pas achteraf terug aanwezig bent. Eens de spanning zakt ontstaat er terug ruimte om na te gaan wat de impact op je was.


Tijdens het moment zelf:

  • Was je lichaam al aan het reageren

  • Was je aandacht verschoven naar de ander, de context en verloor je contact met jezelf

  • Was je innerlijke positie tijdelijk weg


Pas wanneer de situatie voorbij is, komt je lichaamsbewustzijn geleidelijk terug.

En dan voel je pas:

Hier klopte iets niet...



Gevolg


Je zit vast in reacties en relationele patronen die aangeleerd zijn maar niet langer wil of passend zijn.


Je agenda vult zich letterlijk (en figuurlijk) met dingen die niet kloppen.


Je energie lekt weg.

Je voelt frustratie en schaamte over en naar jezelf.


En dan denk je vaak:

“Ik moet gewoon beter mijn grenzen aangeven”

Maar daar zit het probleem niet.



Waarom grenzen hier niet werken


Grenzen stellen is geen bewuste actie maar een gevolg van behoud van positie.

Jouw probleem ontstaat nog voor je die positie kan innemen.

Je speelt ze kwijt nog voor je er vat op hebt.


  • je lichaam die op autopiloot reageert

  • je aandacht die vanzelf verschuift


En voor je het weet kan je je grens niet plaatsen want er is geen contact meer met de spanning en het gevoel dat het erin oproept. Hoe behoud je iets dat niet gevoeld/opgemerkt kan worden?


Daar verlies je jezelf.

Niet wanneer je iets probeert recht te zetten.



Wat wél werkt


Je hoeft niet te leren om beter “nee” te zeggen.

Oefen in:

  • Waarnemenwanneer spanning opkomt

  • Herkennen wanneer je systeem begint te reageren

  • Aanwezig blijven vóór en tijdens je antwoord geeft


Hier kan je beginnen voelen:

→ wat klopt

→ wat niet ...

En van daaruit handelen.



Waarom dit zo fundamenteel is


Dit komt óveral terug...

  • in werk

  • in relaties

  • in kleine afspraken

  • in grote keuzes

  • ...


Niet als een karaktertrek.

Maar als een patroon onder spanning.


En dat bepaald mee de fysiologie en biochemie van je hele systeem doorheen de dag. In alles wat je doet.


Lees ook

→ Waarom je leegloopt na contact


Verdieping:



Tot slot


Je geeft niet toe omdat je dat perse wil.

Je geeft toe omdat je er niet meer volledig bij bent

op het moment dat je antwoord geeft.


Wil je dit leren herkennen terwijl het gebeurt?

Niet achteraf corrigeren.

Maar aanwezig blijven in het moment zelf.

Dat is exact waar we op werken tijdens de ervaringsavond.



Opmerkingen


bottom of page