Het jojo-mechanisme achter ruzies
- Matthieu Bosmans
- 1 mrt
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 31 jul
Kort gezegd: bij veel ruzies gaat het niet om de woorden, maar om wat er onder de woorden niet gezegd en erkent wordt. De één is bijvoorbeeld moe en zoekt steun, de ander vangt op, tot ook die het niet meer trekt. Dan wisselen de rollen om, en precies daar begint de ruzie. Pas wanneer beiden hun eigen balans weer bij zichzelf vinden, in plaats van die steeds bij elkaar te zoeken, stopt dat heen en weer gedrag.
Lange dag.
Veel gedaan, weinig ruimte. Tegen de avond ben je op. Je wil landen. Even niets moeten. Even niet dragen.
Je zoekt je partner op. Die vangt je op, neemt even over. De spanning zakt. Maar er verschuift ook iets: jij leunt, de ander draagt. Even gaat dat goed. Tot het kantelt.
Het wordt stiller. De één trekt zich terug. De ander wordt korter, harder, neemt het over. De spanning loopt op. Hoe meer de één grip probeert te houden, hoe meer de ander zich terugtrekt.
En hoe meer die zich terugtrekt, hoe harder de één grip probeert te houden.
Dat op-en-neer gaan is de jojo. En de ruzie is dan al onderweg. Ze begint zodra vermoeidheid gelezen wordt als afstand. Zodra stilte aanvoelt als afwijzing.
Twee mensen die allebei op zoek zijn naar steun bij de ander, terwijl ze daar op dat moment eigenlijk allebei te moe voor zijn.
Waar het echt om draait
Zolang je steun bij elkaar zoekt in plaats van bij jezelf, blijft dit patroon zich herhalen.
De één leunt, de ander draagt. Daarna draait het om: de één komt weer overeind, de ander zakt door de knieën. Wie zich verliest, duwt de ander een stukje uit balans. Wie zichzelf herstelt, brengt daarmee de ander soms weer uit evenwicht.
Dit voelt als een gesprek dat misloopt. Maar het gaat zelden echt over wat er gezegd wordt.
"Waar een ruzie precies over lijkt te gaan, is zelden het echte probleem. Wie er op dat moment steun zoekt bij wie in dit geval wel."
Soms ziet het er anders uit
Niet elke jojo heet grip houden en wegtrekken. Soms is het de één die te veel doet en de ander te weinig. De één die alles voelt en de ander die dichtklapt. De één die redt en de ander die zich laat redden. Orde tegenover chaos.
De vorm verschilt, maar het mechanisme is telkens hetzelfde: zodra je je eigen balans kwijt bent en die bij de ander gaat zoeken, moet die ander compenseren. Dat houdt hij of zij nooit blijvend vol. Er volgt altijd een correctie, en dan begint het schommelen opnieuw.
Precies dit patroon, van terugtrekken en compenseren binnen een relatie, wordt verder uitgewerkt in [Casus van terugtrekken in een relatie begrijpen].
Hoe het er wél uit kan zien
Dezelfde avond. Dezelfde vermoeidheid. Maar deze keer zoek je geen steun bij je partner. Je merkt dat je leeg bent, en je neemt zelf de tijd om bij te komen. Geen instorten. Geen overname.
Je partner doet hetzelfde. Niemand hoeft groter te worden. Niemand wordt kleiner. Er is niets te verdelen.
Vanuit die eigen rust kies je wat je doet. Je schuift niets door uit vermoeidheid, en je neemt ook niets over uit spanning. Je kiest gewoon. Je blijft dicht bij jezelf, en toch blijft er contact.
"Wat verandert er wanneer je je balans niet meer bij de ander zoekt?"
Dan stopt de jojo. Niet omdat de vermoeidheid weg is, maar omdat je hem zelf draagt in plaats van hem bij de ander neer te leggen. Diezelfde omslag, van steun zoeken bij de ander naar zelf overeind blijven, is precies waar [Blijf bij jezelf: waarom je jezelf verliest onder spanning en hoe je opnieuw aanwezig leert blijven] om draait.
Dit patroon duikt trouwens niet alleen op na een lange dag. Het speelt ook wanneer nabijheid zelf al spanning oproept, zoals beschreven in [Waarom nabijheid in relaties soms spanning veroorzaakt].
Lees verder
Herken je dit jojo-patroon in je eigen relatie? Binnen het Aceso traject Blijf bij jezelf leer je hoe je je eigen balans kan herstellen, zonder die steeds bij de ander te moeten zoeken. Meld je aan voor de wachtlijst om als eerste te horen wanneer een nieuwe taject start.




